Definitieve forfaits banktegoeden en schulden box 3 2025<
De definitieve forfaits voor banktegoeden en schulden zijn onlangs voor 2025 vastgesteld op 1,37%, respectievelijk 2,70%.
15 januari 2020
De regels rond de transitievergoeding zijn, zoals eerder aangegeven, per 1 januari 2020 gewijzigd. Maar moet u de oude of de nieuwe regels toepassen als uw werknemer rond deze datum ontslag krijgt?
Transitievergoeding
Bij ontslag heeft een werknemer tegenwoordig in de meeste gevallen recht op een transitievergoeding. Deze vergoeding is onder andere te zien als tegemoetkoming voor de periode waarin de werknemer als gevolg van het ontslag minder inkomen heeft.
Wijzigingen 2020
De regels rondom de transitievergoeding zijn per 2020 gewijzigd. Zo is voor de hoogte van de transitievergoeding onder meer niet meer van belang of de betreffende werknemer een 50-plusser is en of de werknemer al dan niet langer dan tien jaar in dienst is. In alle gevallen bedraagt de transitievergoeding 1/3 maandsalaris per dienstjaar dan wel een pro-rato-deel bij een kortere periode.
Let op!
De hoogte van het salaris en het aantal jaren dat een werknemer in dienst is geweest, blijven wel van belang.
Ontslag rond oud en nieuw
Bij ontslag rond de jaarwisseling is van belang te weten welke regels u moet hanteren. De oude regels zijn van toepassing als:
Is het bovenstaande niet van toepassing, dan moet u de hoogte van de transitievergoeding dus baseren op de regels zoals die vanaf 1 januari 2020 gelden.
Let op!
Kunt u de transitievergoeding niet in één keer betalen omdat dit uw bedrijfsvoering schaadt, dan kunt u de vergoeding ook in maximaal zes maandtermijnen betalen. Over het nog niet uitgekeerde deel bent u dan wel de wettelijke rente verschuldigd.
De definitieve forfaits voor banktegoeden en schulden zijn onlangs voor 2025 vastgesteld op 1,37%, respectievelijk 2,70%.
Het kabinet schrapt een deel van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties (Vbar) dat al bij de Tweede Kamer ligt.
Vanaf 1 januari 2026 geldt een verbod op contante betalingen vanaf € 3.000 voor goederen. Hierbij geldt een uitzondering voor aankopen buiten de EU. Andere uitzonderingen worden niet ingevoerd.